woensdag 31 oktober 2012

Kennisvaloriwatte…?


Kennisvalorisatie!
Huh?
Kennisvalorisatie is het benutten van wetenschappelijke kennis in de praktijk. Hogescholen, universiteiten en netwerken van bedrijven willen “met het creëren van kenniscombinaties de sleutel vinden om kennis te kunnen verzilveren in economische en maatschappelijke zin.”
Tsss..das mooi. En wat heeft dat met opleidingsschool STAIJ te maken?
Nou, STAIJ is een academische opleidingsschool met het profiel “onderzoekend en ontwerpend leren”. Dat profiel geldt niet alleen voor W&T lessen in het onderwijsaanbod maar ook voor de ontwikkeling van de studenten.
Past dat onderzoeken en ontwerpen bij de Pabo dan?
Zeker! De HvA heeft een dikke onderwijs- en onderzoeksagenda. In het Engels zelfs. “Creating tomorrow. Let’s start today” is de titel. En daarin stellen ze dat hedendaagse vraagstukken in de samenleving vragen om verbinding van praktijkonderzoek en wetenschappelijk onderzoek.
Ook heel mooi. Dus we worden hier allemaal onderzoekende en ontwerpende onderwijzers?
Precies. De HvA heeft een onderzoekslijn. En bij de UPvA staat zelfs in het uitstroomprofiel: ”Een onderzoekende leerkracht stelt vragen, kan problematiseren, gaat actief op zoek naar antwoorden door opzetten van onderzoek en door aanzetten van onderzoekende houding van anderen. De kennis die hij opdoet door zijn onderzoekende houding zet hij om in bruikbare instrumenten/middelen en past die toe in zijn onderwijs en zijn opvoedingsactiviteiten.
Tja, kennis opdoen… Weet je dat er op www.citaten.net ruim 100 citaten te vinden zijn over “kennis”? En die spreken elkaar allemaal tegen. Kennis… wijsheid... onderzoek… Ik weet het niet. Ik wil gewoon verschil maken, ertoe doen voor de kinderen in mijn klas.
Precies. Je wilt invloed uitoefenen. Daarom heb je deze opleiding gekozen.
Schoolgebonden leertaken, ULP onderzoeken, minoren en bacheloronderzoeken zijn dus essentieel voor het benutten van je (wetenschappelijke) kennis in de praktijk. Weet je trouwens wat ook een bekend citaat is?


“Als we wisten wat we deden, heette het geen onderzoek”
Albert Einstein
1879-1955
Olga Roos
Academische opleider in school


zondag 21 oktober 2012

Vindplaats onderzoeken en ontwerpend leren


Nu ik in mijn tweede jaar zit in als netwerkcoördinator/instituutsopleider vanuit de Vindplaats Onderzoekend en Ontwerpend Leren, beginnen zich op de verschillende netwerkscholen een behoorlijk aantal constructieve en veelbelovende ontwikkelingen af te tekenen.

Op een aantal scholen, zoals Aldoende, de Linnaeusschool en de Flevoparkschool zijn serieuze stappen gezet om W&T in te zetten bij hun onderwijsaanbod aan meerbegaafde leerlingen. Op deze scholen zijn werkgroepen en plusklassen in het leven geroepen. Aangezien op de verschillende netwerkscholen (o.a. Steigereiland, 5e en 8e Montessori) hiermee in het kader van het Excellentieprogramma al heel wat expertise is opgebouwd, valt er uit deze hoek waarschijnlijk nog wel wat input te verwachten.

Andere scholen, zoals de 4e Montessori en Daltonschool De Meer richten hun ontwikkelfocus op het zelfstandig werken bij W&T in het kader van de verdere uitbouw van hun schoolprofiel. Dit is een interessante zoektocht, want zoveel materiaal is er op dit gebied nog niet te vinden en de gehanteerde methodes voorzien niet altijd in de gewenste aansluiting op het schoolprofiel.

Op beide lijnen zijn inmiddels schoolgebonden leertaken uitgezet voor tweedejaars OPLIS-studenten, die zich respectievelijk bezig houden met het in kaart brengen van selectiecriteria voor plusklassen dan wel manieren om OOL als zelfstandige werkvorm in te zetten bij het Dalton en Montessori-onderwijs.
Behalve bovenstaande ontwikkelingen zijn er ook scholen die op hun eigen manier aan de weg (blijven) timmeren. Op de JP Coenschool krijgt W&T in de midden- en bovenbouw een structurele plek. Drie leerkrachten worden op regelmatige wijze gecoached in W&T en dat levert een prettige, vruchtbare samenwerking op. Hetzelfde geldt voor het Gouden Ei, waar druk wordt gepionierd met een gedurfde aanpak: kinderen van allerlei bouwen door elkaar zetten en deze vakgerichte cursussen geven door docenten die affiniteit hebben met een bepaald vak. Een aanpak die in andere landen overigens al meer gemeengoed is, althans in de bovenbouw; in zowel Scandinavische als Angelsaksische landen bestaan er voor de wereldoriënterende vakken al sinds jaar en dag vakdocenten. Maar hoe om te gaan met die ongemotiveerde  prepubers van groep 8? Geef ze een verantwoordelijkheid in de begeleiding van de jongere leerlingen en hun attitude verbetert zienderogen.

Tot slot nog even dit: op 28 november a.s. zal de STAIJ-brede inspiratiemiddag geheel in het teken staan van de Vindplaats OOL. Behalve de HvA en de UPvA zal ook het Wetenschapsknooppunt van de UvA vertegenwoordigd zijn met enkele interessante demonstraties, die direct inzetbaar zijn in de klas. Er zullen workshops aangeboden worden, o.a. over het thema meerbegaafdheid en W&T, dat bij een aantal scholen duidelijk actueel is. Meer informatie over deze veelbelovende dag volgt binnenkort, maar reserveer hem alvast in je agenda:
Tijd:  woensdag 28 november van 15.00-18.15 uur
Plaats: 5e Montessorischool

Tom van Eijck
Docent Natuuronderwijs
PABO-HvA en UPVvA
Instituutsopleider W&T STAIJ


woensdag 10 oktober 2012

De leerlingen wijzen ons de weg naar het leren in de toekomst


Het is duidelijk dat het onderwijs zich moet aanpassen aan de snel veranderende maatschappij. Maar wat betekent dit voor de leerkrachten van nu en voor de studenten, de aankomende leraren?

Afgelopen jaren ervaarde ik zelf dat door na elke lesdag stil te staan bij hoe ik de lesstof beter of anders kon overbrengen, ik een leraar in ontwikkeling was. Door nieuwere inzichten uit te proberen en toe te passen probeerde ik de leerlingen te inspireren en motiveren. Op de laatste dag van het schooljaar vroeg ik de leerlingen wat het meeste indruk had gemaakt. En ja, een aantal van hen benoemde juist die lessen waarbij ik buiten mijn comfortzone was getreden. Lessen waarbij de kinderen zelf op ontdekking konden gaan en hun eigen weg mochten vinden. Lessen waarbij ze ontdekkend tot leren kwamen.
Is het leren van nu de kinderen als zelfstandig individu een eigen weg te leren vinden in deze snel veranderende maatschappij?


De zoektocht naar bovengenoemde vraagt om veerkracht van leerkrachten, scholen en het onderwijs in het algemeen. Dit vergt reflectie van zowel de scholen, de leerkrachten maar ook de leerlingen. Dit is dan ook waar studenten op getraind worden. Op het reflecteren op hun eigen leerproces, binnen de opleiding maar ook binnen hun eigen aan te bieden onderwijs.

Daarom pleit ik er ook voor om je als lesgevende open te stellen voor die momenten waarbij je de ogen van de leerlingen ziet twinkelen, de kwartjes ziet vallen en de leerlingen niet willen stoppen met werken omdat ze zo lekker bezig zijn. Stel jezelf dan de vraag wat hebben de kinderen nu van mij als leerkracht nodig? De leerlingen wijzen ons impliciet de weg…

Beike van den Eeden
Stagecoördinator en opleider in school STAIJ

maandag 1 oktober 2012


Montessori Steigereiland(STAIJ): Beste Onderwijswerkgever van Nederland

De beste onderwijswerkgevers van 2011-2012 zijn zaterdag jl. bekend gemaakt op het AOB-congres in de Jaarbeurs. In de categorie primair onderwijs ging de onderscheiding naar de Montessorischool Steigereiland in Amsterdam van de stichting voor openbaar onderwijs; Samen tussen Amstel en IJ (STAIJ) in Amsterdam Oost (IJburg).
Steigereiland is een snel gegroeide Montessorischool op IJburg met meer dan 600 leerlingen. De school staat onder leiding van Ella Duijnker. Zij is de pionier-directeur van een school, die niet alleen uitstekend geleid wordt, maar die ook, volgens de Inspectie van het onderwijs, tot de besten in de hoogste categorie scholen behoord. Het Bestuur van Samen tussen Amstel en IJ in Amsterdam Oost is er trots op, dat de school deze eer te beurt is gevallen.

De prijzen voor beste onderwijswerkgever komen deels tot stand via nominatie van het personeel. Dat velt een oordeel over onder meer het schoolleiderschap, de geboden ruimte voor persoonlijke ontwikkeling, en de kwaliteit van het werkgeverschap van de schoolleiding. Bijna drieduizend mensen werkten mee aan deze procedure; bijna vier keer zoveel als tijdens de nominatieronde van het vorig jaar.

Aan de hand van deze drieduizend beoordelingen is een jury aan het werk gegaan. Naast Fons van Wieringen (ex voorzitter van de Onderwijsraad) bestond deze voor dit jaar uit AOB-voorzitter Walter Dresscher, Marianne Heermans (burgemeester van Heemstede en voorzitter van de Amsterdamse schoolbesturenvereniging OSVO) en Coen Free, die vorig jaar als directeur van het Koning Willem I College werd verkozen tot beste werkgever in het mbo.

De verkiezing van beste onderwijswerkgever van Nederland is een initiatief van de Docentenbank en de organisaties NSO, GITP en DUO Onderwijsonderzoek, en wordt ondersteund door de Algemene Onderwijsbond. Doel van de onderscheiding is om ook aan de werkgeverskant een impuls te geven aan de kwaliteit van het Nederlandse onderwijs.

dinsdag 25 september 2012

90 studenten gestart met de stage!

Na een zeer plezierige voorbereidende ontvangst in het opleidingslokaal gaan onze studenten vol goede moed naar hun nieuwe mentor en stage klas.


dinsdag 24 juli 2012

Evalueren met de studenten


Het was interessant om aanwezig te zijn bij de STAIJ-student-evaluatie van dit stagejaar op de coachingsbijeenkomst met de tweede- en derdejaars studenten. Mooi om te zien dat de studenten al meer professionele taal gebruiken bij het evalueren. Zowel mondeling als bij het invullen van de enquête werd deze professionele taal gebruikt. Dat is een onderwerp waar alle opleiders de afgelopen periode gezamenlijk aandacht hebben besteed.

Het was ook bijzonder om te zien hoe de studenten onderling op elkaar reageerden, op elkaar ingespeeld waren en het al of niet met elkaar eens waren. Er werden opvallend veel voorbeelden gegeven van positieve begeleiding en ondersteuning door mentoren en opleiders. Er waren ook wat individuele verhalen van studenten die het minder getroffen hadden in de samenwerking met hun mentor.
De studenten spraken uit dat ze het prettig vinden dat ze kunnen kiezen uit een grote diversiteit van scholen en dat ze zelf een voorkeur kunnen aangeven. Ze gaven aan het fijn te vinden om zo veel mogelijk praktijkervaring op te doen. Ze vertelden dat het leerzaam was om samen met de opleider de filmpjes die gemaakt werden tijdens het stagebezoek te bespreken. Een aantal studenten is ook met elkaar mee geweest op stagebezoek.
De adviezen van studenten voor verbetering kwamen vooral van de individuele studenten die meer aandacht van hun coach, opleider in school of mentor hadden willen hebben.
Samengevat waren de overeenkomsten positief en de adviezen ter verbetering afkomstig van individuele studenten.
Bij deze wil ik alle studenten bedanken die bij STAIJ stage hebben gelopen! Bedankt voor jullie feedback. Wij nemen jullie punten mee in de verdere ontwikkeling van OIS-STAIJ. Uiteraard wil ik namens het opleidingsteam ook alle mentoren bedanken voor de begeleiding. Bedankt voor jullie inspiratie!

Beike van den Eeden (opleider en stagecoördinator opleidingsteam STAIJ)

dinsdag 12 juni 2012

100ste GECERTIFICEERDE ICC’ER AMSTERDAM BLIJKT EEN ‘STAIJ’ER’




9 mei 2012 jl. Academie van Bouwkunst, Amsterdam:
De laatste bijeenkomst van de training Interne Cultuur Coördinator, verzorgd door expertisenetwerk MOCCA, bleek een extra bijzondere gelegenheid te zijn. Op deze dag werd namelijk de honderdste certificering binnen het Amsterdamse werkveld, verstrekt. Onder het aantal cursisten, dat met het presenteren van hun beleidsplan cultuureducatie de eindopdracht van de cursus volbracht, waren een viertal van hen van scholen binnen STAIJ. En één daarvan bleek de honderdste certificering op zijn naam te mogen schrijven: Ed Kaas van de vijfde Montessori is de 100ste ICC’er van Amsterdam.
Hij ontving uit handen van Peggy Brandon (directeur Mocca) het certificaat, bloemen, de felicitaties en werd op de foto gezet.
Naast Ed, ontvingen Agnes Roelofse van de Flevoparkschool en Frances Overwater en Cilia Hespe van De Kraal ook het certificaat ICC. Met deze certificering hebben zij bewezen cultuureducatie op hun school in visie en beleid te kunnen verwoorden om er vorm aan te geven. Kunst- , erfgoed- en media-educatie krijgen nu speciale aandacht op deze scholen. Voor Agnes, Cilia, Frances en natuurlijk Ed felicitaties en veel plezier en succes met het aansturen van jullie teams inzake cultuureducatie.

Nieuwsgierig geworden naar wat de training inhoudt, kijk dan op: http://cultuurcoordinator.nl/

Ben jij al ICC’er binnen STAIJ, wil je mij dan per E-mail een berichtje sturen. In het volgend schooljaar wil ik een platform van ICC’ers STAIJ gaan opzetten om met elkaar te sparren en elkaar te adviseren inzake het vormgeven van cultuureducatie op school. Alvast dank voor je reactie.

Ronald Hueskens (instituutsopleider vindplaats cultuureducatie De Kraal - STAIJ)

Cijfers liegen niet! Motivatie voor statistiek

De tweedejaars universitaire pabo studenten zijn bezig met de ‘harde’ wetenschap van het analyseren van de wereld door middel van cijfers. Veel mensen houden van cijfers: ze geven orde, zijn concreet en cijfers lijken in ieder geval niet subjectief (zie ook filmpje hieronder).


Wetenschappers houden vooral van cijfers omdat ze het mogelijk maken om met voldoende zekerheid (95%) uitspraken te doen over hoe de wereld in elkaar zit. Één kind tegenkomen dat een prima zelfbeeld heeft en gemotiveerd is voor school zegt natuurlijk nog niets, maar als je bij een grote groep kinderen ontdekt dat zelfbeeld en motivatie toch wel erg met elkaar samen lijken te hangen, dan kun je met statistiek dit verband makkelijker in beeld brengen en toetsen of je inderaad kunt spreken van een ‘significant’ verband. Zo ontdekten onze studenten dat kinderen minder werken vanuit angst om te falen naarmate ze een positiever zelfbeeld hebben. En ze ontdekten nog veel meer: zowel in hun data als in zichzelf. Wat betreft dat laatste: de studenten kwamen erachter dat ze daadwerkelijk iets kunnen met de moeilijke, saaie, vervelende, niet te begrijpen statistiek die ze hadden gehad bij de module AMLS (Algemene Methode Leer en Statistiek). De statistiekmotivatie van studenten binnen de sociale wetenschappen is over het algemeen niet erg hoog te noemen. Velen beginnen de studie met het idee dat statistiek echt een struikelblok zal worden en zonder duidelijk beeld van wat je allemaal kunt met statistiek. Binnen de UPvA hebben we de prachtige kans om studenten vanaf jaar één te helpen om de echte wereld om te zetten in getallen en statistiek en zo veel sneller dan bij andere sociale studies inzichtelijk te maken wat voor soort ‘gereedschap’ ze nu eigenlijk in handen krijgen. Als docent ben je bezig met het vergroten van het zelfvertrouwen van de studenten in de hoop dat ze dan open staan voor deze unieke leerkans. Eigenlijk precies wat ze gevonden hebben dus: het versterken van hun zelfbeeld om ze te laten werken zonder angst voor falen


Francine Jellesma

UPvA studenten kijken met frisse blik naar hun stage



Onze UPvA studenten hebben de opdracht om voor hun laatste  blok ULP (Universitaire Leraren Praktijk) een film van maximaal 10 minuten te maken van hun stage met als thema “diversiteit”.  
Het hoofddoel voor jaar 1 is dat studenten met de film aantonen een goed observatievermogen te hebben en de organisatie van leren en de verschillen tussen leerlingen vast te kunnen leggen. Het hoofddoel voor jaar 2 is dat de studenten aantonen een goed observatie vermogen te hebben en de verschillende aspecten van taal kunnen koppelen aan het leren van leerlingen. Ze filmen daarbij ook activiteiten die ze zelf aanbieden om die verschillende aspecten van taal bij diverse kinderen in de groep te stimuleren.
Er is een filmplan gemaakt n.a.v. workshops van De Frisse Blik http://www.defrisseblik.nl/home/98
De film wordt niet gepubliceerd maar wordt onderdeel van hun digitale portfolio. Twee opleiders en De Frisse Blik zullen de film beoordelen. Dit cijfer vormt 30 % van het cijfer voor hun gehele ULP.
Het maken van een filmplan, de verschillende opnames, de selectie en de montage is een heel karwei en wordt ook door alle studenten anders ervaren.  De techniek,  de inspiratie en de creativiteit die gevraagd wordt, doet een appel op een andere en “moderne” manier van observeren in de praktijk. “Mediawijsheid” voor aankomende leerkrachten dus!
Ik ben benieuwd naar de resultaten!

Olga Roos (academische opleider in school)

donderdag 31 mei 2012

Bezoek Batavia 25 april.

"Het is erg leuk om op een andere school te kijken.
Je ziet hoe het er op zo'n school aan toe gaat en dat is
erg interessant. Je ziet op deze school hoe ze met niet
Nederlands talige kinderen omgaan. Wij hebben daar 
niet echt een idee van en dat is erg leuk om te zien.
Het was leuk om te zien dat sommige kinderen 
schriftelijk al erg goed uit de voeten konden komen.
Dit verwacht je niet echt van deze kinderen."




Afgelopen woensdagmorgen gingen de tweedejaars studenten op bezoek bij de Bataviaschool. Zij werden daar warm onthaald en mochten in de groepen de lessen Nederlands observeren. Hieronder een aantal reacties naar aanleiding van dit bezoek.

Opvallende punten vonden de studenten:
-       Ze werken met de methode prisma. Er zijn verschillende niveaus waar de kinderen op ingedeeld worden. Doordat de leerlingen op niveau zitten, hebben ze verschillende leeftijden in de klas.
-       Er is in elke groep een klassenassistent.
-       Er wordt veel in groepjes gewerkt.
-       Er wordt veel gedifferentieerd in het vak rekenen. De kinderen hebben aparte werkboekjes waardoor de kinderen op hun eigen niveau kunnen werken.
-       De hoeveelheid materialen en aanschouwelijke dingen is opvallend.
-       Op deze school zit je een tot anderhalf jaar waarna je naar de reguliere school moet.
-       De leraar laat andere leerlingen iets vertalen voor leerlingen die de Nederlandse taal helemaal niet kunnen verstaan. Er wordt veel gesproken door middel van non-verbale communicatie.
-       De school heeft per klas kleine groepjes. De gemiddelde grootte van de klas is 10 tot 16 leerlingen. Er kunnen maximaal 80 leerlingen op deze school.


"het is een erg leuke stageplek" 
Aldus een derdejaars student die er
nu stage loopt en enthousiast is.

Tot slot; naar aanleiding van dit bezoek zijn er 9 studenten die geïnteresseerd zijn en hier stage
willen lopen. Alle leerkrachten en directie van de Bataviaschool; bedankt! 

Jeantine Geleijnse.
Coach klas 2a /3a




Blog april 2012. Didactische structuren; een toepassing.


In de coachgroep met tweede- en derdejaars studenten was het onderwerp communicatie en de Roos van Leary.



Naar aanleiding van een artikel hebben de studenten deze stof verwerkt in een analogie of een metafoor (volgens één van de didactische structuren van Marzano beklijft de stof dan beter; het noteren van overeenkomsten en verschillen volgens bepaalde structuren)
Een voorbeeldschema voor een analogie is:



De studenten vulden de analogie voor de Roos van Leary in:
 Voetbal                                                      staat tot                                    Sport                 
Als de Roos van Leary                                    staat tot                                    Communicatie

Of als:
Actie                                                      staat tot                                     Reactie
Als de Roos van Leary                  staat tot                                    Zelfbeeld
De studenten gingen bij een voorbeeld van een ander tweetal op zoek naar het verband tussen de begrippen. Ook had een student een metafoor voor de Roos van Leary bedacht.

"Bewust zijn van de Roos van Leary, is als hete koffie ietsje koeler maken met wat melk."



Jeantine Geleijnse
Coach
Klas 2A

maandag 23 april 2012

De uitstapjes, het werken met de kinderen, geen enkele dag is hetzelfde samen met de verantwoordelijkheid die ik draag, maken deze baan voor mij de droombaan.


Mijnou Selen is afgestudeerd op de Pabo in 2010, heeft in 2011 haar master  “Special Educational Needs” gedaan en is vorig jaar begonnen in groep 7 op de J.P. Coenschool en is meegegaan naar groep 8. Zij deelt groep 8 met een ervaren collega.


Mijanou vertelt:
Wat me het meest inspireert zijn de kinderen. Wanneer je ze zo ziet groeien in kennis en ontwikkeling ben je trots op jezelf en op hen. Ik zie dat ik iets goed doe. Dat geeft je inspiratie om door te gaan waar je mee bezig bent. Tijdens de master S.E.N. heb ik veel geleerd over handelingsgericht werken. Daar ben ik in gespecialiseerd en heb er veel aan in mijn dagelijkse werk. Ik heb oog gekregen voor de zorgbehoefte van kinderen. Ik heb geleerd welke benadering, aanpak, ondersteuning en instructie een leerling nodig heeft om zich goed te kunnen ontwikkelen.
Daarnaast merk ik vooral in groep 8 dat de leerlingen steeds meer aan je vast gaan klampen. Ze gaan binnenkort naar een andere school. Dat vinden ze eng. Dit is een compliment (de leerlingen gaan je missen), maar daarnaast is het ook moeilijk. Op de Pabo heb ik geleerd dat ik enerzijds een band met ze moet creëren en anderzijds moet ik ze loslaten zodat ze hun vleugels kunnen uitspreiden. En dat terwijl ik ze zelf ook heel erg ga missen. Dit is mijn eerste echt ‘eigen’ groep en we hebben een sterke band met elkaar. Het is altijd gezellig in de klas.
Iedere dag maak ik wel iets bijzonders mee, zoals laatst de Kunstschooldag. Met 6 leerlingen ontzettend veel lol gehad en kunst bekeken/gehoord. Waar doe je dat nou nog meer? Met heerlijk weer door de stad slenteren en betaalt uitgaan? Ook die dag was ik trots op mijn kinderen. Ze hebben zich perfect gedragen en waren oprecht geïnteresseerd.
De uitstapjes, het werken met de kinderen, geen enkele dag is hetzelfde samen met de verantwoordelijkheid die ik draag, maken deze baan voor mij de droombaan.



Jannie Tuin

vrijdag 13 april 2012

Intervisie op Steigereiland


Mijn vorige stuk op het BLOG-STAIJ ging over een bijeenkomst met studenten op Steigereiland.  Onderstaand stukje gaat over onze vervolgbijeenkomst.


Dit keer gingen wij via intervisie een casus uitdiepen waar zowel de reguliere studenten als de UPvA studenten baat bij hebben. De reguliere studenten lopen stage op een Montessorischool waar ze werken volgens de Montessoriprincipes met behulp van onderdelen uit het GIP-model. 
Tijdens de eerste fase van het doorlopen van de incidentmethode kwam naar voren dat iedere student een voorbeeld had waarmee de hele groep zich kon identificeren,  allemaal verschillende situaties. Doordat we de vorige bijeenkomst voor het onderwerp management hadden gekozen hebben we gekozen voor het beschreven moment van Yoeran.

Yoeran gaf een groepsles aan  groep 7 waarbij van de overige kinderen in de klas werd verwacht dat ze zelfstandig aan het werk bleven, zoals in een Montessoriklas gebruikelijk is.  Een aantal kinderen uit groep 8 vroeg  negatieve aandacht en ging niet aan het werk. Hoe hier het beste mee om te gaan.
Ik vond het zo mooi om te zien dat alle studenten verrassend actief meededen en mooie oplossingen aandroegen. Adviezen gingen over de tafel, voorbeelden werden genoemd, tips werden gegeven en er werden vragen gesteld. Hierbij zagen we dat er veel overeenkomsten waren, maar ook dat een enkele student weer een hele andere insteek had.
Een andere insteek kwam van Marthe, een student die ook in de bovenbouw stage loopt. Marthe adviseerde, in tegenstelling tot de rest van de groep, om de klas niet stil te leggen. Zij zou de kinderen uit de  groepsles een opdracht geven en zelf effectief een snelle ronde inzetten. Zij adviseerde om de jongens uit groep 8 dan kort op hun gedrag aan te spreken en afspraken te maken over hun werk.  
Yoeran had het gevoel met de tips, adviezen en inzichten verder te kunnen en had nu meer tools in handen. Na klassenmanagement in een Montessoriklas nog eens kort door genomen te hebben gingen de studenten moe en geïnspireerd weer naar hun klas.

Het was een waardevolle bijeenkomst. Het was een opleidings-, groeps- en studiejaar doorbrekende intervisie met als gemene deler : dezelfde stageschool. Ik vond het zeer inspirerend om zoveel talent actief met elkaar aan het werk te zien.
Met dank aan Yoeran, Marthe, Sem, Robin, Nina, Bahar, Asmae en Robin! (Elsemiek kon hier jammer genoeg niet bij zijn.)

Beike van den Eeden, Opleider in school onder andere op Steigereiland

donderdag 5 april 2012

UPvA onderzoek naar Leerlingvolgsysteem en Taal & Diversiteit.



Naast het ontwikkelen van hun leerkrachtvaardigheden doen de eerste en tweedejaars UPvA studenten bij STAIJ elke periode onderzoek in de scholen.




De eerstejaars hebben de opdracht om een onderzoeksvraag uit de school te beantwoorden  met gegevens uit het leerlingvolgsysteem. Zij leren deze anonieme(!) gegevens in te voeren in het statistiekprogramma SPSS en zoeken twee wetenschappelijke artikelen bij de onderzoeksvraag. Het verslag van deze opdracht koppelen ze weer terug naar de school.






De tweedejaars hebben hun eigen taalgebruik en communicatie onder de loep genomen aan de hand van twee praktijkboeken. Hun onderzoek wordt een casestudy waarin ze twee leerlingen vergelijken op onderdelen uit de Taaltoets Alle Kinderen, de woordenschattoets Cito of de STAP (Spontane TaalAnalyse Procedure).

Ook deze opdracht zullen de studenten weer terugkoppelen naar hun stageschool.

Boektitels:

 “Taalontwikkeling op school. Handboek voor interactief onderwijs” van Marianne Verhallen en Ruud Walst. Uitgeverij Coutinho.

“Culturele Waarden en Communicatie. In internationaal perspectief” van  Marie-Thérèse Claes en Marinel Gerritsen. Uitgeverij Coutinho


Olga Roos (academische opleider in school)





zaterdag 31 maart 2012

Afval bestaat niet

Wat gebeurt er met ons afval?
Groep 7/8 van de 8ste Montessori zoekt het uit
en bedenkt hoe ze beter om kunnen gaan met het afval van de school!

in Nemo

“Veel West-Europese landen dumpen afval in Afrika, wat vinden jullie hiervan?” vraagt prinses Laurentien. “Niet goed, natuurlijk”, reageren de kinderen. “Maar hoe zit het dan met Napels, dat haar afval dumpt in Nederland?” , vraagt Romeo (groep 8) zich hardop af. Een ‘bobo’ van Van Gansewinkel (afvalbedrijf) legt het uit.

Afgelopen donderdag 22 maart was er in het NEMO een dialoogsessie rond het dilemma ´Afval bestaat niet´ met prinses Laurentien van de Missing Chapter Foundation, Van Gansewinkel en een groep 7/8 van de 8e Montessorischool Zeeburg.
                                               Afval scheiden!

De kinderen hadden zich de afgelopen maanden goed voorbereid op deze bijeenkomst: meegebrachte zakken huisvuil werden op school gesorteerd ( …hoezo afval bestaat niet….), er werd  een bezoek  gebracht aan het afvalverwerkingsbedrijf van Van Gansewinkel aan de Hemweg  en in de klas werden  ideeën verzameld en uitgewerkt over hoe er nog beter en meer afval gescheiden en gerecycled  kan worden.
                                            Wat een berg afval is dat.

Ook hebben de kinderen presentaties voorbereid om papierkorven in alle klassen te introduceren, zo betrekken ze de hele school bij hun duurzaamheid project.
Wat zouden we kunnen doen om afval beter te verwerken?

Bewust omgaan met ons afval.
Vanaf 1 april gaat de 8e Montessori bewust om met haar (berg) afval. Wie volgt?

Anke van der Veen

Leerkracht
Opleider In School W&T

dinsdag 20 maart 2012

Enthousiaste mentoren ronden de mentorentraining af.

Afgelopen week hebben 6 enthousiaste mentoren de mentorentraining OIS STAIJ afgerond.
Unaniem wordt de training aanbevolen aan alle mentoren die hem nog niet hebben gevolgd.

Het geeft zicht op de opleidingseisen.
Je krijgt bruikbare begeleidingstools.
Er ontstaan nieuwe en scherpere wederzijdse verwachting tussen student en mentor.
Het niveau gaat omhoog.
Je leert zelf ook weer.

Komt u volgend jaar ook?

 
Willem Plomp
Hoofd Opleidingen STAIJ

vrijdag 2 maart 2012

Zelf op pad met cultuureducatie, klas 1B

HELP!                                      Theatervoorstelling in de Stadschouwburg, 13-02-2012



Chaos!
“Meester, welke rij?”
“Ik wil niet naast haar!”
“Haal je voet eens weg!”
“Ik zie niks!”
“Stil…!”
“Wees zelf stil!”
“Meester?”
“Ssst!”



Een zaal vol kinderen, de opwinding en uitgelatenheid springt er vanaf. Een wirwar van sociale structuren maakt het echter voor de meesters, juffen, assistenten, ouders en andere reddende engelen niet gemakkelijk zo’n tripje organisatorisch goed te laten verlopen… En straks staan wij daar! Het was erg fascinerend om te zien hoe de spanning van zo’n uitje invloed heeft op het gedrag van de kinderen, en wat je als leerkracht allemaal uit de kast moet trekken om de rust enigszins te laten wederkeren.

De voorstelling
Een meeslepend kijkje in het verleden, het onbekende van een o zo bekende band onthuld op een toegankelijke manier waar niet veel voorkennis voor nodig is.

De theatervoorstelling, gespeeld door theatergroep Max., The Sadists en Moniek Merkx, is een vrij realistische weergave van de gebeurtenissen rondom het bijeenkomen en groot worden van the Beatles.
Aan de hand van spel, theater en hier en daar een beetje uitleg wordt dit verhaal verteld. Er wordt in dit theaterstuk ook licht geschenen op de persoonlijke problemen die kunnen ontstaan wanneer je als jonge vrienden beroemd wordt. Dit alles is uiteraard vergezeld van een hele lading muziek waarvan een aantal liedjes in het Engels zijn gelaten, de rest is naar het Nederlands vertaald.
Door de speelse manier waarop alles verteld wordt en de energie waarmee de muziek tussen het acteren door is gevlochten, is het voor kinderen vanaf 10 jaar ontzettend uitnodigend om naar te kijken. Veel kinderen hebben de droom beroemd te worden en dit stuk geeft je een kijkje in het leven van jonge jongens waarmee de kinderen zich kunnen identificeren, en laat naast de positieve kanten ook de negatieve kanten van beroemd worden zien. Het nodigt uit tot dromen over beroemd worden, maar zorgt ook voor een bewustzijn over de mindere kanten ervan.

Slotsom
Over het geheel gezien is het een erg leuke voorstelling, redelijk goed opgebouwd rondom de behoeften van de doelgroep door de manier van spelen, de grapjes en de manier van uitleggen, maar het is een voorstelling die ook gezien het onderwerp erg geschikt is voor alle leeftijden boven de 10. Het tripje was dus voor ons als Pabo studenten persoonlijk erg geslaagd, maar het was ook erg leuk om een voorstelling te zien die bedoeld is voor kinderen, om te kijken wat de theatermakers willen meegeven, maar ook bedenken wat de kinderen er mee zullen doen en wat jij hier zelf als leerkracht mee zou doen.

Renske Buisman Pabo, klas 1 B

maandag 20 februari 2012

Staking 6 maart

Beste collega's,

 Het standpunt dat binnen STAIJ is ingenomen betreffende de staking op 6 maart is:


 "Het bestuur STAIJ respecteert het stakingsrecht maar respecteert ook degenen
die niet aan deze staking meedoen.
We gaan er vanuit dat de directeuren degenen die staken zullen
registreren. De Algemeen Directeur kan die registratie
opvragen.
Als een groot deel van de medewerkers gaat staken (meer dan 30 %) dan
kan er op die dag geen les worden gegeven en moeten de ouders een brief
krijgen waarin dat wordt meegedeeld".


 Als het gaat om onze studenten dan sluiten wij aan bij het bestuursstandpunt.
Studenten kunnen mee naar de staking als zij daar hun stem willen laten gelden. Zij melden dit aan hun coach op de opleiding.
Studenten die niet staken, lopen als de school dat toelaat gewoon stage.
Wanneer studenten door afwezigheid van de mentor of sluiten van de school geen stage kunnen lopen, beschouwen wij dit als overmacht.
Zij worden niet verplicht de stagedag in te halen.


Willem Plomp
Hoofd Opleidingen STAIJ

dinsdag 24 januari 2012

Vingerwijzingen… vuistregels… en de maan

In een oud zenverhaal wijst een zenmeester naar de maan. De leerling kijkt naar de vinger van de meester, maar ziet de maan niet omdat hij alleen maar naar de vinger kijkt. De meester wilde hem op de maan attent maken, maar de leerling begrijpt niet dat hij slechts (ver)wijst.
Ik denk dat “de waarheid” verschillend wordt ervaren en daarom met verschillende vingerwijzingen beschreven kan worden.


Daarom vind ik het vuistregelonderzoek van onze UPvA studenten ook zo interessant.  

Uit de UPvA mentorengids:
“….Studenten leren leerkrachtvaardigheden door zelf activiteiten voor te bereiden en uit te voeren, maar ook door hun mentor systematisch te bevragen op de vuistregels die ze in de beroepspraktijk hanteren. Een vuistregel is een regel die een leerkracht hanteert in de klas om te kunnen handelen in een bepaalde situatie. Voorbeeld: ‘als een kind niet direct aan het werk gaat na de instructie, ga ik even langs om te vragen waarom hij niet start’. De student onderzoekt waarom de vuistregel werkt. Dat is vaak gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek. Voorbeeld: om gewenst gedrag bij leerlingen te bewerkstellingen moet het gewenste gedrag concreet gemaakt worden voor de leerlingen.
Deze kennis geeft handvatten aan wat een leerkracht moet begrijpen om gefundeerd en verantwoord te kunnen handelen. Door studenten en leerkrachten op zoek te laten gaan naar vuistregels die werken in de klas en naar bijbehorende sleutelkennis uit de literatuur wordt leerkrachtgedrag expliciet onderwerp van reflectie en onderzoek bij zowel studenten, leerkrachten als opleiders in de school….”

Eerstejaars studenten onderzoeken en proberen nu vuistregels uit over het krijgen van aandacht en het communiceren met kinderen. “Als een leerling problemen heeft, neem ik hem altijd even apart om erover te praten” naast “Als een leerling problemen heeft, dan betrek in de hele groep in het oplossen van het probleem”…..

Ik verwacht dat we door verschillende vuistregels te onderzoeken onze eigen maan leren zien.
           

Olga Roos (academische opleider in school)